In de laatste week van augustus staat de Britse stad Liverpool in het teken van het jaarlijkse Beatleweek Festival. Een internationaal muziekevent, volledig in het teken van de Fab4. Dat de Beatles talent hadden voor muziek, is denk ik ook wel bij de jongere generatie bekend. Dat zij echter hun auto carrière zo’n beetje met een Ford, een andere hobby van mij, zijn begonnen is minder bekend. Toen het nummer Drive My Car door The Beatles werd opgenomen op 13 oktober 1965 in de Abbey Road Studios in Londen, hadden drie van de vier al een Engelse Ford in hun bezit gehad.
Als oudste Beatle was Ringo de eerste van de Fab Four die een auto kreeg, waarmee hij een trend zette die de band bijna de Fab Fords maakte. Toen Ringo’s groep Rory Storm & The Hurricanes in juni 1960 werd aangenomen voor een optreden in Butlin’s vakantiekamp in Pwllheli in Wales, verkocht Ringo zijn eerste auto; een Vanguard. Van zijn eerste drie maanden loon kocht Ringo vervolgens een Ford Zephyr Zodiac Mk1, waarin hij drie jaar zou blijven rijden.
In maart 1962, net nadat hij geslaagd was voor zijn rijexamen, werd George Harrison de tweede Beatle die een auto bezat. Het was een Ford Anglia 105E en hij kocht hem met een contante aanbetaling en wekelijkse terugbetalingen van een vriend van hun manager Brian Epstein, Terry Doran, bij Hawthorne Engineering Company in Warrington.
Voor een bescheiden auto heeft de Ford Anglia een geweldige carrière achter de rug in de showbizz-schijnwerpers, met in alles van Z Cars tot Heartbeat, optredens als Roland Rat’s Ratmobile en de vliegende auto van de Weasleys. Maar zijn grootste aanspraak op roem is misschien wel dat het de allereerste auto was die eigendom was van George Harrison. Vóór alle Jaguars, Porsches en Mercs was er een kleine tweedehands Ford Anglia.



Gedurende deze tijd volgde Paul McCartney ook rijlessen, maar hij zou pas later in de zomer zijn examen afleggen. Ook hij slaagde en vierde feest door een donkergroene Ford Consul Classic 315 te kopen bij Blake’s in Hardman Street. Door Ford beschouwd als een van hun modellen uit de hogere klasse – “geschikt voor de parkeerplaats van de golfclub”, beweerden ze groots – was het in feite een iets grotere en langere versie van de Anglia die in de jaren vijftig zo succesvol was verkocht. En de Consul-statistieken waren niet indrukwekkend; van 0 tot 100 km/u werd bereikt in 22,5 seconden, met een topsnelheid van 120 km/u. Dat weerhield Paul er echter niet van. Nadat hij twee keer betrapt was op te hard rijden, kreeg McCartney een derde keer een bon en het kostte hem zijn rijbewijs. Een plaatselijke krant uit Liverpool pikte het verhaal op: “James Paul McCartney, 21-jarige muzikant van 20 Forthlin Road, Allerton, Liverpool, kreeg een boete van £ 25 en werd voor 12 maanden gediskwalificeerd voor het rijden op Wallasey nadat hij had toegegeven dat hij de snelheidslimiet langs Seabank had overschreden.”
De enige die niet voor Ford koos was John Lennon, maar dat deed hij dan ook wel op een bijzondere wijze. Zijn eerste auto was een Ferrari 330 GT, een van de meest opvallende eerste auto die iemand ooit heeft gehad.
Later in 1962 kocht manager Brian Epstein voor de groep een crèmekleurige Ford Thames 800 Express Bus van de dealer van Doran. Hoewel NEMS Enterprises Ltd de betaling deed, werden de kosten in mindering gebracht op de daaropvolgende wekelijkse loonstrookjes van de groep. De roadmanager van de Beatles, Neil Aspinall, reed de groep en hun uitrusting rond in het Ford-busje.
Bronnen:
https://www.gq-magazine.co.uk/lifestyle/article/paul-mccartney-car-collection